Wat geloven wij?

Johannes

Geloofsartikelen van de VPGE

De Verenigde Pinkstergemeente in Europa leert dat de bijbel het geïnspireerde en onfeilbare Woord van God is. (2 Timotheus 3:16)

‘”de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering, tot wederlegging, tot verbetering, tot onderwijzing, die in de rechtvaardigheid is;”

De bijbel is de enige autoriteit die God aan de mens gegeven heeft  (wat voor??) . Daarom moet  alle geloof en hoop, doctrine en leer aan de gemeente, op de bijbel gebaseerd zijn en in harmonie met haar. Deze dient door alle mensen gelezen en bestudeerd te worden. Alleen onder de leiding van de Heilige Geest is zij volledig te begrijpen. (Lucas 24:45)

“En wij hebben het profetische Woord, dat zeer vast is, en gij doet wel, dat gij daarop acht hebt, als op een licht, schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlichte, en de Morgenster opga in uw harten. Dit eerst wetende, dat geen profetie der Schrift is van eigen uitlegging; Want de profetie is voortijds niet voortgebracht door den wil eens mensen, maar de heilige mensen Gods, vanden Heiligen Geest gedreven zijnde, hebben ze gesproken. “ (2 Petrus 1:19-21)

Onderstaand zullen wij heel kort een paar van de fundamentele doctrines van ons geloof beschrijven:

De Natuur van God (het wezen van God)

Wij geloven in de enig levende God, oneindig in macht, heilig in wezen, eigenschappen en doelstellingen. Zijn Godheid is absoluut en ondeelbaar. De schrift bevestigt en verklaart de universele kennis van God. (Romeinen 1:19, 20, 28, 32, 2:15). God is ondeelbaar, immaterieel, zonder lichaamsdelen, zonder lichaam, vandaar zonder beperkingen.

 Hij is de Geest (Johannes 4:24)

(Marcus 12:19); (Deuteronomium 6:4):  “Hoor, Israël! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!” “Eén God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen, en in u allen. (Efeze 4:6)

 Immanuël: “God met ons”

“God, voortijds veelmaal en op velerlei wijze, tot de vaderen gesproken hebbende door de profeten, heeft in deze laatste dagen tot ons gesproken door den Zoon; Welken Hij gesteld heeft tot een Erfgenaam van alles, door Welken Hij ook de wereld gemaakt heeft;” (Hebreeën 1:1-2)

De onzichtbare God beloofde zichzelf te openbaren. Door zijn lichaam brengt hij dit in vervulling voor het uitvoeren van Zijn werk.  (Hebreeën 10:20)

 “Daarom, komende in de wereld, zegt Hij: Slachtoffer en offerande hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij het lichaam toebereid; Brandofferen en offer voor de zonde hebben U niet behaagd. Toen sprak Ik: Zie, Ik kom (in het begin des boeks is van Mij geschreven), om Uw wil te doen, o God! “ (Hebreeen 10:5-7)

Jezus is God: Johannes 20: 28; Romeinen 9:5; 1 Johannes 5:20. Jezus is de waarachtige God  en tegelijkertijd ook een mens: Lukas 18:18; Johannes 5:27; 1 Korintiërs 15:47.

De enig waarachtige God, de Heer van het oude testament nam de vorm van een mens aan: de Mensenzoon geboren uit de maagd Maria. Paulus zegt:

“En buiten allen twijfel, de verborgenheid der godzaligheid is groot; God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in den Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid  (1 Timotheus 3:16)

“In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God. (Johanes 1:11).

Want God was in Christus de wereld met Zichzelven verzoenende, hun zonden hun niet toerekenende; en heeft het woord der verzoening in ons gelegd.(2 korintiers 5:19).

 Wij geloven dat “… in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk” (Kolossenzen 2:9).

 “Want het is des Vaders welbehagen geweest, dat in Hem al de volheid wonen zou”

(Kolossenzen 1:19). Daarom was Jezus in zijn menselijkheid een mens, in zijn goddelijkheid was Hij God. Zijn Vlees was het lam of het offer van God. Hij is de enige bemiddelaar tussen God en de mensen. Want er is één God, er is ook één Middelaar Gods en der mensen, de Mens Christus Jezus; (1 Timotheüs 2:5).

Jezus was door zijn Vader goddelijk, door zijn moeder menselijk. Daarom werd hij bekend gemaakt als de Zoon van God en ook de Mensenzoon. Wanneer men verklaart  dat alle dingen aan Zijn voeten zijn onderworpen, wordt degene die alle dingen heeft onderworpen  buiten beschouwing gelaten. (1 Korintiërs 15:27).

 “En wanneer Hem alle dingen zullen onderworpen zijn, dan zal ook de Zoon Zelf onderworpen worden Dien, Die Hem alle dingen onderworpen heeft, opdat God zij alles in allen”. (1 Korintiërs 15:28).

 “Ik ben de Alfa en de Oméga, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is, en Die was, en Die komen zal, de Almachtige” (Openbaring 1:8).

De Naam

God maakte gebruik van titels zoals Elohim, God, de Almachtige, el Shadai, De Heer, maar in het bijzonder van de Heere God, de verlossende naam in het Oude Testament.

“Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij is op Zijn schouder; en men noemt Zijn naam Wonderlijk, Raad,erke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst; (Jesaja 9:5).

De profetie van Jesaja werd vervuld wanneer de zoon van God zijn naam kreeg:

“En zij zal een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten JEZUS; want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden”

Alles is gebeurd zodat het zou geschieden wat door de profeet is gezegd:

“Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Emmanuël; hetwelk is, overgezet zijnde, God met ons”. (Matheüs 1:21-23).

 “En de zaligheid is in geen Anderen; want er is ook onder den hemel geen andere Naam, Die onder de mensen gegeven is, door Welken wij moeten zalig worden”. (Handelingen 4:12).

 De schepping van de mens

In het begin schiep God de mens: onschuldig, puur en heilig. “Dit is het boek van Adams geslacht. Ten dage als God den mens schiep, maakte Hij hem naar de gelijkenis Gods. En vrouw schiep Hij hen, en zegende ze, en noemde hun naam Mens, ten dage als zij geschapen werden”. (Genesis 5:1-2).

 “Doch Hij, antwoordende, zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, Die van den beginne den mens gemaakt heeft, dat Hij ze gemaakt heeft man en vrouw?” (Matheüs 19:4).

De val van de mens

Door de zonde van ongehoorzaamheid vielen de eerste mensen van het menselijke ras: Adam en Eva, van hun heilige positie en werden door God van de tuin van Eden weggestuurd. Vanaf dan kwam de zonde in de wereld, door de ongehoorzaamheid van een mens.

 “Alleenlijk ziet, dit heb ik gevonden, dat God den mens recht gemaakt heeft, maar zij hebben veel vonden gezocht”. (Prediker 7:29).

“Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods” (Romeinen 3:23).

“Daarom, gelijk door één mens de zonde in de wereld ingekomen is, en door de zonde de dood; en alzo de dood tot alle mensen doorgegaan is, in welken allen gezondigd hebben.

Want gelijk door de ongehoorzaamheid van dien énen mens velen tot zondaars gesteld zijn geworden, alzo zullen ook door de gehoorzaamheid van Enen velen tot rechtvaardigen gesteld worden”. (Romeinen 5 12-19)

 De Genade van God

De genade is een onverdiende gave waardoor God de mens verlost en geschikt maakt voor een nieuw leven. Hij rekent de vroegere zonden niet meer toe.

“En worden om niet gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de verlossing, die in Christus Jezus is; Welken. God voorgesteld heeft tot een verzoening, door het geloof in Zijn bloed, tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid, door de vergeving der zonden, die te voren geschied zijn onder de verdraagzaamheid Gods;” (Romeinen 3:24-25)

“Want de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen. En onderwijst ons, dat wij, de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matig en rechtvaardig, en godzalig leven zouden in deze tegenwoordige wereld;” ( Titus 2:11-12).

 “Want de wet is door Mozes gegeven, de genade en de waarheid is door Jezus Christus geworden”. (Johannes 1:17).

De christen zou in de genade en in Gods liefde wandelen om zijn verlossing te behouden. Wanneer iemand een overtreding begaat, zondigt deze tegen God en verliest zijn gunst. Als hij/zij blijft in zonde zonder zich te bekeren, zal hij/zij verloren gaan en verworpen worden in de poel van vuur. (Lees Johannes 15:2; 2 Petrus 2:20-21). Judas spreekt over de beloning van de mensen in de laatste dagen. (Lees Hebreeën 6:4-6).

“Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is Gods gave; (Efeze 2:8)

 Geloof

“Het geloof legt de grondslag voor alles waarop we hopen, het overtuigt ons van de waarheid van wat we niet zien”. (Hebreeën 11:1).

Geloof is het resultaat van het horen en ontvangen van het evangelie van Gods genade. “Dankzij hem hebben we door het geloof toegang gekregen tot Gods genade, die ons fundament is, en in de hoop te mogen delen in zijn luister prijzen we ons gelukkig”. “ Werden we in de tijd dat we nog Gods vijanden waren al met hem verzoend door de dood van zijn Zoon, des te zekerder is het dat wij, nu we met hem zijn verzoend, worden gered door diens leven”. “Als de dood heeft geheerst door de overtreding van één mens, is het des te zekerder dat allen die de genade en de vrijspraak in zo’n overvloed hebben ontvangen, zullen heersen in het eeuwige leven, dankzij die ene mens, Jezus Christus”. (Romeinen 5:2, 10, 17).

 “Door Welken wij hebben ontvangen genade en het apostelschap, tot gehoorzaamheid des geloofs onder al de heidenen, voor Zijn Naam”. (Romeinen 1:5).

 Belijden en bekeren

Het woord bekering komt van een aantal Griekse woorden af die betekenen: verandering van voornemens en doelstellingen, verandering van gedachten, van levenstijl, een volledige verandering, etc.

“De goddeloze verlate zijn weg, en de ongerechtige man zijn gedachten; en hij bekere zich tot den HEERE, zo zal Hij Zich Zijner ontfermen, en tot onzen God, want Hij vergeeft menigvuldiglijk”. (Jesaja 55:7, Lukas 13:1-5).

De echte bekering is het belijden en afkeren van de zonde. Johannes de doper preekte bekering. Jezus heeft dit geopenbaard en de apostelen hebben het bevestigd aan zowel aan Joden als  heidenen.

“En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen”. (Handelingen 2:38, 17:30).

De doop in water

Het woord ‘dopen’ betekent begraven en onderdompelen (Romeinen 6: 4-5). In de schriften vindt de doop alleen plaats door onderdompeling en is enkel bedoeld voor degenen die bekeerd zijn en zich afkeren van de zonde en de liefde voor de wereld.(beter? De liefde voor de dingen van de wereld die God niet accepteert) De doop moet door een bevoegde voorganger worden toegediend in gehoorzaamheid aan Gods woord, in de naam van onze Here Jezus Christus, conform de teksten in Handelingen 2:38, 8:16, 10:5; die overeenkomen met Matheus 28:19.

En in Zijn Naam gepredikt worden bekering en vergeving der zonden, onder alle volken, beginnende van Jeruzalem”. (Lukas 24:47).

De doop met de Heilige Geest

De termen “Dopen met de Heilige Geest”, “Vervullen met de Heilige Geest”, “De gave van de Heilige Geest”, zijn onmisbare begrippen in de bijbel. Johannes de doper in Matheus 3:11 zei:

“Ik doop u wel met water tot bekering; maar. Die na mij komt, is sterker dan ik, Wiens schoenen ik niet waardig ben Hem na te dragen; Die zal u met den Heiligen Geest en met vuur dopen”.

Lukas zegt in Handelingen 2:4 “En werden allen vervuld met den Heiligen Geest, en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken”.

Het is de bedoeling volgens de schriften dat het ontvangen van de Heilige Geest wordt bevestigd door het spreken in tongen als een uiterlijk teken en bewijs van de doop / vervulling met de Heilige Geest, zoals beschreven in Handelingen 2:4, 10:46, 19:6. De gave van tongen zoals beschreven in 1 Korintiërs 12 en 14 is in essentie dezelfde gave maar verschillend in gebruik en doel.

De Here zei door de profeet Joël: “En daarna zal het geschieden, dat Ik Mijn Geest

zal uitgieten over alle vlees, en uw zonen en uw dochteren zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen, uw jongelingen zullen gezichten zien;” (Joël 2:28). “..en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen”. (Handelingen 2:38).

Petrus legt deze wonderbaarlijke ervaring uit: “…en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort. (Handelingen 2:33).

Vervolgens “Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen, die daar verre zijn, zo velen als er de Heere, onze God, toe roepen zal”. (Handelingen 2:39).

De wedergeboorte

Het resultaat van de wedergeboorte is verwekt en geboren worden uit Gods Woord. De persoon weerspiegelt dit door de bekering en gehoorzaamheid aan het evangelie. “Jezus antwoordde en zeide tot hem: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Tenzij dat iemand wederom geboren worde, hij kan het Koninkrijk Gods niet zien”. (Johannes 3:3)

“Zo dan, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, ziet, het is alles nieuw geworden”. (2 Korintiërs 5:17).

 “Naar Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord der waarheid, opdat wij zouden zijn als eerstelingen Zijner schepselen”. ( Jakobus 1:18)

 “Hebbende dan uw zielen gereinigd in de gehoorzaamheid der waarheid, door den Geest, tot ongeveinsde broederlijke liefde, zo hebt elkander vuriglijk lief uit een rein hart; Gij, die wedergeboren zijt, niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwig blijvende Woord van God”. (1 Petrus 1:22-23).

 “Een iegelijk, die uit God geboren is, die doet de zonde niet, want Zijn zaad blijft in hem; en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren”. (1 Johannes 3:9).

 “Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld; en dit is de overwinning, die de wereld overwint, namelijk ons geloof”. (1 Johannes 5:4).

De Gaven

De gaven zijn afkomstig van God, gegeven aan de leden van het lichaam van Jezus Christus om toegerust te worden. Aangezien de gaven een tijdelijke manifestatie van de Heilige Geest zijn, zijn deze niet bedoeld voor persoonlijk gebruik of eigen lof, maar voor de opbouw van de gemeente en de verspreiding van het evangelie.

 “Maar aan een iegelijk wordt de openbaring des Geestes gegeven tot hetgeen oorbaar is. Want dezen wordt door den Geest gegeven het woord der wijsheid, en een ander het woord der kennis, door denzelfden Geest; En een ander het geloof, door denzelfden Geest; en een ander de gaven der gezondmakingen, door denzelfden Geest. En een ander de werkingen der krachten; en een ander profetie; en een ander onderscheidingen der geesten; en een ander menigerlei talen; en een ander uitlegging der talen. Doch deze dingen alle werkt een en dezelfde Geest, delende aan een iegelijk in het bijzonder, gelijkerwijs Hij wil”.(1 Korintiers 12:7-11).

 “Maar die profeteert, spreekt den mensen stichting, en vermaning en vertroosting. Die een vreemde taal spreekt, die sticht zichzelven; maar die profeteert die sticht de Gemeente”. (1 Korintiers 14: 3-4).

Heiligheid

“En dit waart gij sommigen; maar gij zijt afgewassen, maar gij zijt geheiligd, maar gij zijt gerechtvaardigd, in den Naam van den Heere Jezus, en door den Geest onzes Gods”. (1 Korintiers 6:11).

Elke kind van God moet door het leiden van een Godsvruchtig leven worden herkend, conform het gegeven model en voorbeeld in Gods woord. “Want de zaligmakende genade Gods is verschenen aan alle mensen. En onderwijst ons, dat wij, de goddeloosheid en de wereldse begeerlijkheden verzakende, matig en rechtvaardig, en godzalig leven zouden in deze tegenwoordige wereld;” (Titus 2:11-12).

 “Want hiertoe zijt gij geroepen, dewijl ook Christus voor ons geleden heeft, ons een voorbeeld nalatende, opdat gij Zijn voetstappen zoudt navolgen; Die geen zonde gedaan heeft, en er is geen bedrog in Zijn mond gevonden;  Die als Hij gescholden werd, niet wederschold, en als Hij leed, niet dreigde; maar gaf het over aan Dien, Die rechtvaardiglijk oordeelt;” (1 Petrus 2:21-23).

 “Jaagt den vrede na met allen, en de heiligmaking, zonder welke niemand den Heere zien zal;” (Hebreeën 12:14).

 “Maar gelijk Hij, Die u geroepen heeft, heilig is, zo wordt ook gijzelven heilig in al uw wandel; Daarom dat er geschreven is: Zijt heilig, want Ik ben heilig. En indien gij tot een Vader aanroept Dengene, Die zonder aanneming des persoons oordeelt naar eens iegelijks werk, zo wandelt in vreze den tijd uwer inwoning; Wetende dat gij niet door vergankelijke dingen, zilver of goud, verlost zijt uit uw ijdele wandeling, die u van de vaderen overgeleverd is; Maar door  het dierbaar bloed van Christus, als van een onbestraffelijk en onbevlekt Lam;” (1 Petrus 1:15-19).

 Goddelijke genezing

Het eerste verbond van de Heere God met de kinderen van Israel, nadat Hij had het volk uit Egypte had weggeleid, was het een verbond van Gezondheid. De Here zei:  “En zeide: Is het, dat gij met ernst naar de stem des HEEREN uws Gods horen zult, en doen, wat recht is in Zijn ogen, en uw oren neigt tot Zijn geboden, en houdt al Zijn inzettingen; zo zal Ik geen van de krankheden op u leggen, die Ik op Egypteland gelegd heb; want Ik ben de HEERE, uw Heelmeester!” (Exodus 15:26).

Andere vertalingen zeggen: “want Ik, de Here, ben uw geneesheer’ (Exodus 15:26). God is onze meest bekwame arts en geneesheer is. Onze Here Jezus Christus ging rond in Galilea, terwijl Hij het evangelie van het Koninkrijk preekte en alle ziekten van het volk genas. (Matheus 4:23-24). “Jezus Christus is gisteren en heden dezelfde en in der eeuwigheid”. ( Hebreeën 13:8).

 De smarten van onze Here Jezus Christus waren de te betalen prijs voor de genezing van onze lichamen, alsmede voor de verlossing van onze zielen. “…en door Zijn striemen is ons genezing geworden.” (Jesaja 53:5). In Matheüs 8:17 lezen wij: “….Hij heeft onze krankheden op Zich genomen, en onze ziekten gedragen”. Zie ook 1 Petrus 2:24. Daardoor zien we dat de Goddelijke genezing van het lichaam in de verzoening begrepen is.

De genezing is voor ieder die gelooft. Jezus zei tegen de gelovigen: “….op

kranken zullen zij de handen leggen, en zij zullen gezond worden”. (Marcus 16:18).

Later verkondigt Jakobus in zijn brief gericht aan alle gemeentes:

“Is iemand krank onder u? Dat hij tot zich roepe de ouderlingen der Gemeente, en dat zij over hem bidden, hem zalvende met olie in den Naam des Heeren. En het gebed des geloofs zal den zieke behouden, en de Heere zal hem oprichten, en zo hij zonden gedaan zal hebben, het zal hem vergeven worden. Belijdt elkander de misdaden, en bidt voor elkander, opdat gij gezond wordt; een krachtig gebed des rechtvaardigen vermag veel”. (Jakobus 5:14-16).

De gemeente

De gemeente is het lichaam van Christus en bestaat uit de geroepenen door het evangelie van de Heer Jezus Christus, welke door de gehoorzaamheid aan de waarheid aan haar zijn toegevoegd.

En  Ik zeg u ook, dat gij zijt Petrus, en op deze petra zal Ik Mijn gemeente bouwen, en de poorten der hel zullen dezelve niet overweldigen”. (Matheüs 16:18)

De doctrines en activiteiten  van de gemeente zijn gegrond op Gods Woord. “En

heeft alle dingen Zijn voeten onderworpen, en heeft Hem der Gemeente gegeven tot een Hoofd boven alle dingen; Welke  Zijn lichaam is, en de vervulling Desgenen, Die alles in allen vervult”. (Efeze 1:22-23).

“Eén lichaam is het, en één Geest, gelijkerwijs gij ook geroepen zijt tot één hoop uwer roeping;”. (Efeze 4:4).

En Hij is het Hoofd des lichaams, namelijk der Gemeente, Hij, Die het Begin is, de

Eerstgeborene uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn. (Kolossenzen 1:18).

Het breken van het brood

De gemeenschap van de gelovigen is het resultaat van de éénheid van geest in de vredesband met als doel het bereiken van éénheid van geloof.  “En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods, en in de gebeden”. ( Handelingen 2:42).

En dagelijks eendrachtelijk in den tempel volhardende, en van huis tot huis brood brekende, aten zij te zamen met verheuging en eenvoudigheid des harten” (Handelingen 2:46)

“De drinkbeker der dankzegging, dien wij dankzeggende zegenen, is die niet een gemeenschap des bloeds van Christus? Het brood, dat wij breken, is dat niet een gemeenschap des lichaams van Christus? Want één brood is het, zo zijn wij velen één lichaam, dewijl wij allen ééns broods deelachtig zijn”. ( 1 Korintiërs 10:16-17).

“En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben, en wij u verkondigen, dat

God een Licht is, en gans geen duisternis in Hem is. Indien wij zeggen, dat wij gemeenschap met Hem hebben, en wij in de duisternis wandelen, zo liegen wij, en doen de waarheid niet. Maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkander, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde”. (1 Johannes 1:5-7).

De avond toen de Heer Jezus werd uitgeleverd, vierde hij het Pascha met de apostelen. Vervolgens heeft hij het avondmaal en het breken van het brood ingesteld. “En Hij nam brood, en als Hij gedankt had, brak Hij het, en gaf het hun, zeggende: Dat is Mijn lichaam, hetwelk voor u gegeven wordt; doet dat tot Mijn gedachtenis. Desgelijks ook den drinkbeker na het avondmaal, zeggende: Deze drinkbeker is het nieuwe testament in Mijn bloed, hetwelk voor u vergoten wordt”. (Lukas 22:19-20).

Paulus onderwees hoe het avondmaal moest worden uitgevoerd. “Zo dan, wie onwaardiglijk dit brood eet, of den drinkbeker des Heeren drinkt, die zal schuldig zijn aan het lichaam en bloed des Heeren. Maar de mens beproeve zichzelven, en ete alzo van het brood, en drinke van den drinkbeker. Want die onwaardiglijk eet en drinkt, die eet en drinkt zichzelven een oordeel, niet onderscheidende het lichaam des Heeren. Daarom zijn onder u vele zwakken en kranken, en velen slapen. Want indien wij onszelven oordeelden, zo zouden wij niet geoordeeld worden. Maar als wij geoordeeld worden, zo worden wij van den Heere getuchtigd, opdat wij met de wereld niet zouden veroordeeld worden. Zo dan, mijn broeders, als gij samenkomt om te eten, verwacht elkander. Doch zo iemand hongert, dat hij te huis ete, opdat gij niet tot een oordeel samenkomt. De overige dingen nu zal ik verordenen, als ik zal gekomen zijn”. ( 1 Korintiërs 11:27-34)

Op deze manier is het gebruik van het brood en de vrucht van de wijnstok (de wijn) ingesteld. Ze zijn een symbool van het gebroken lichaam en het vergoten bloed van Jezus. Deelnemen aan het avondmaal heeft een speciale betekenis en brengt zegen. Het is namelijk de herdenking van Zijn dood en de belijdenis dat alle deelnemers één lichaam zijn.

Gods Koninkrijk

Het is het bestuur dat Hij door Zijn geest in de gelovigen uitoefent. “..het Koninkrijk Gods is binnen ulieden”. ( Lukas 17:21). “Want het Koninkrijk Gods is niet spijs en drank, maar rechtvaardigheid, en vrede, en blijdschap, door den Heiligen Geest. (Romeinen 14:17).

De wereldomvattende verschijning van de heerlijkheid van het Koninkrijk van Jezus Christus, Zoon van David, zal plaatsvinden bij de vestiging van Jezus op de troon van Israel in het Millennium. “Want de aarde zal vervuld worden, dat zij de heerlijkheid des HEEREN bekennen, gelijk de wateren den bodem der zee bedekken”. (Hábakuk 2:14).  “En Hij gezonden zal hebben Jezus Christus, Die u tevoren gepredikt is;

Welken de hemel moet ontvangen tot de tijden der wederoprichting aller dingen, die God gesproken heeft door den mond van al Zijn heilige profeten van alle eeuw”. (Handelingen 3:20-21).

Nieuwe hemelen en nieuwe aarde zijn de slotfase van Koninkrijk van God. “Want gelijk als die nieuwe hemel en die nieuwe aarde, die Ik maken zal, voor Mijn aangezicht zullen staan, spreekt de HEERE, alzo zal ook ulieder zaad en ulieder naam staan”. (Handelingen 3:20-21). “Maar wij verwachten, naar Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, in dewelke gerechtigheid woont”. (2 Petrus 3:13).

“En ik  zag een nieuwen hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel, en de eerste aarde was voorbijgegaan, en de zee was niet meer”. (Openbaring 21:1).

De opstanding

De opstanding kenmerkt de hoop van het christendom. “Want ik weet: mijn Verlosser leeft, en Hij zal de laatste over het stof opstaan; En als zij na mijn huid dit doorknaagd zullen hebben, zal ik uit mijn vlees God aanschouwen; Denwelken ik voor mij aanschouwen zal, en mijn ogen zien zullen, en niet een vreemde; mijn nieren verlangen zeer in mijn schoot”. (Job 19:25-27).

Maar ik zal Uw aangezicht in gerechtigheid aanschouwen, ik zal verzadigd worden met Uw beeld, als ik zal opwaken”. (Psalmen 17:15).

“Jezus zeide tot haar: Ik ben de Opstanding en het Leven; die in Mij gelooft zal leven, al ware hij ook gestorven;” (Johannes 11:25).

Doch nu geopenbaard is door de verschijning van onzen Zaligmaker Jezus Christus, Die den dood heeft te niet gedaan, en het leven en de onverderfelijkheid aan het licht gebracht door het Evangelie;” (2 Timótheüs 1:10)

 …van Jezus Christus: De opstanding van Heer kenmerkt de hoop van het christendom. “Zo heeft hij, dit voorziende, gesproken van de opstanding van Christus, dat  Zijn ziel niet is verlaten in de hel, noch Zijn vlees verderving heeft gezien”. (Handelingen 2:31, lees ook Handelingen 4:2, 1 korintiërs 15:1-20).

 …van de rechtvaardigen: De opstanding van de rechtvaardigen is de belofte van God gegeven door de aartsvaders, profeten, de Heer en de apostelen. Het is de voleinding van het christelijke leven.“En velen van die, die in het stof der aarde slapen, zullen ontwaken, dezen ten eeuwigen leven, en genen tot versmaadheden, en tot eeuwige afgrijzing. (Daniël 12:2). “Want dewijl de dood door een mens is, zo is ook de opstanding der doden door een Mens”. ( 1 Korintiërs 15:21). “Maar de overigen der doden werden niet weder levend, totdat de duizend jaren geëindigd waren. Deze is de eerste opstanding.  Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding; over deze heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.” ( Openbaring 20:5-6).

 …van de onrechtvaardigen:  God zal de onrechtvaardigen doen opstaan, om veroordeeld te worden voor de witte troon. “Daarom dat Hij een dag gesteld heeft, op welken Hij den aardbodem rechtvaardiglijk zal oordelen, door een Man, Dien Hij daartoe geordineerd heeft, verzekering daarvan doende aan allen, dewijl Hij Hem uit de doden opgewekt heeft.” (Handelingen 17:31). “Verwondert u daar niet over, want de ure komt, in dewelke allen, die in de graven zijn, Zijn stem zullen horen; En zullen uitgaan, die het goede gedaan hebben, tot de opstanding des levens, en die het kwade gedaan hebben, tot de opstanding der verdoemenis”. (Johannes 5:28-29).

En ik zag een groten witten troon, en Dengene, Die daarop zat, van Wiens aangezicht de aarde en de hemel wegvloden, en geen plaats is voor die gevonden. ……….. En zo iemand niet gevonden werd geschreven in het boek des levens, die werd geworpen in den poel des vuurs.”. (Openbaring 20:11-15).

De opname van de kerk

We geloven dat de tijd van de verschijning van de Heer is nabij.

“Doch, broeders, ik wil niet, dat gij onwetende zijt van degenen, die ontslapen zijn, opdat  gij niet bedroefd zijt, gelijk als de anderen, die geen hoop hebben. Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven is en opgestaan, alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, wederbrengen met Hem. Want dat zeggen wij u door het Woord des Heeren, dat wij, die levend overblijven zullen tot de toekomst des Heeren, niet zullen voorkomen degenen, die ontslapen zijn. Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan; Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen”. ( 1 Thessalonicenzen 4:13-17).

In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden.

Want dit verderfelijke moet onverderfelijkheid aandoen, en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid  aandoen. En wanneer dit verderfelijke zal onverderfelijkheid aangedaan hebben, en dit sterfelijke zal onsterfelijkheid aangedaan hebben, alsdan zal het woord geschieden, dat geschreven is: De dood is verslonden tot overwinning”. (1 Korintiërs 15:51-54).

“Maar onze wandel is in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus; Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat hetzelve gelijkvormig worde aan Zijn heerlijk lichaam, naar de werking, waardoor Hij ook alle dingen Zichzelven kan onderwerpen”. (Filippenzen 3:20-21).

Deze gebeurtenis zal voor de grote verdrukking plaatsvinden.

“Ga henen, Mijn volk! ga in uw binnenste kamers, en sluit uw deuren na u toe; verberg u als en klein ogenblik, totdat de gramschap overga. Want ziet, de HEERE zal uit Zijn plaats uitgaan, om de ongerechtigheid van de inwoners der aarde over hen te bezoeken; en de aarde zal haar bloed ontdekken, en zal haar doodgeslagenen niet langer bedekt houden.”. (Jesaja 26:20-21).

Veel meer dan, zijnde nu gerechtvaardigd door Zijn bloed, zullen wij door Hem behouden worden van den toorn”. (Romeinen 5:9).

En Zijn Zoon uit de hemelen te verwachten, Denwelken Hij uit de doden verwekt heeft, namelijk Jezus, Die ons verlost van den toekomenden toorn.” (1 Thessalonicenzen 1:10).

Omdat gij het woord Mijner lijdzaamheid bewaard hebt, zo zal Ik ook u bewaren uit de ure der verzoeking, die over de gehele wereld komen zal, om te verzoeken, die op de aarde wonen”. (Openbaring 3:10).

De grote verdrukking

Het is de toorn van God tegen de zondige wereld. In deze tijd zal God keren naar Israel om haar te herstellen.

En te dier tijd zal Michaël opstaan, die grote vorst, die voor de kinderen uws volks staat, als het zulk een tijd der benauwdheid zijn zal, als er niet geweest is, sinds dat er een volk geweest is, tot op dienzelven tijd toe; en te dier tijd zal uw volk verlost worden, al wie gevonden wordt geschreven te zijn in het boek”. (Daniël 12:1).

Want  alsdan zal grote verdrukking wezen, hoedanige niet is geweest van het begin der wereld tot nu toe, en ook niet zijn zal. En zo die dagen niet verkort werden, geen vlees zou behouden worden; maar om der uitverkorenen wil zullen die dagen verkort worden”. (Matheüs 24:21-22).

En u, die verdrukt wordt, verkwikking met ons, in de openbaring van den Heere Jezus van den hemel met de engelen Zijner kracht; Met vlammend vuur wraak doende over

degenen, die God niet kennen, en over degenen, die het Evangelie van onzen Heere Jezus Christus niet gehoorzaam zijn. zullen tot straf lijden het eeuwig verderf, van het aangezicht des Heeren, en van de heerlijkheid Zijner sterkte”. (2 Thessalonicenzen 1:7-9)

“En van dezen heeft ook Enoch, de zevende van Adam, geprofeteerd, zeggende: Ziet, de Heere is gekomen met Zijn vele duizenden heiligen; Om gericht te houden tegen allen, en te straffen alle goddelozen onder hen, vanwege al hun goddeloze werken, die zij goddelooslijk gedaan hebben, en vanwege al de harde woorden, die de goddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben”. (Judas 14-15).

De tweede komst van de Heer

Jezus komt voor de tweede keer als Persoon, precies zoals Hij weggegaan is en zoals Hij zelf heeft aangekondigd. Dit werd ook door de apostelen aan de eerste gemeente gepredikt en geleerd.

“En alsdan zal in den hemel verschijnen het teken van den Zoon des mensen; en dan zullen al de geslachten der aarde wenen, en zullen den Zoon des mensen zien, komende op de wolken des hemels, met grote kracht en heerlijkheid”. (Matheüs 24:30).

“En alzo zij hun ogen naar den hemel hielden, terwijl Hij heenvoer, ziet, twee mannen stonden bij hen in witte kleding; Welke ook zeiden: Gij Galilése mannen, wat staat gij en ziet op naar den hemel? Deze Jezus, Die van u opgenomen is in den hemel, zal alzo komen, gelijkerwijs gij Hem naar den hemel hebt zien heenvaren”. (Handelingen 1:10-11).

“En alsdan zal de ongerechtige geopenbaard worden, denwelken de Heere verdoen zal door den Geest Zijns monds, en te niet maken door de verschijning Zijner toekomst;” (2 Thessalonicenzen 2:8).

“Ziet, Hij komt met de wolken en alle oog zal Hem zien, ook degenen, die Hem doorstoken hebben; en alle geslachten der aarde zullen over Hem rouw bedrijven; ja, amen”. (Openbaring 1:7).

 Het Millennium is de herstellingsperiode van alle dingen waar de profeten en apostelen over hebben gesproken.

“Het woord, dat Jesaja, de zoon van Amoz, gezien heeft over Juda en Jeruzalem. En het zal geschieden in het laatste der dagen, dat de  berg van het huis des HEEREN zal vastgesteld zijn op den top der bergen, en dat hij zal verheven worden boven de heuvelen, en tot denzelven zullen alle heidenen toevloeien. En vele volken zullen heengaan en zeggen: Komt, laat ons opgaan tot den berg des HEEREN, tot het huis van den God Jakobs, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en dat wij wandelen in Zijn paden; want uit Sion zal de wet uitgaan, en des HEEREN woord uit Jeruzalem. En Hij zal rechten onder de heidenen, en bestraffen vele volken; en zij zullen hun zwaarden slaan tot spaden, en hun spiesen tot sikkelen; het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen, en zij zullen geen oorlog meer leren”. ( Jesaja 2:1-4) Lees ook Jesaja 11:1-10, Handelingen 3:20-22, Romeinen 8:19-22.

Zie Jesaja 11:1-10, Handelingen 3:20-22, Romeinen 8:19-22.

De schriften verwijzen naar een tijd van herstel van alles. Echter nergens kan men vinden dat de duivel, zijn engelen en de zondaren deel zullen nemen aan deze periode. “En de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in den poel des vuurs en sulfers, alwaar het beest en de valse profeet zijn; en zij zullen gepijnigd worden dag en nacht in alle eeuwigheid”. (Openbaring 20:10).

Het laatste oordeel

Bij het laatste oordeel zullen de mensen veroordeeld worden die zonder Christus zijn gestorven en leefden tijdens de herstellingsperiode? . Het oordeel zal aan het einde van het millennium plaatsvinden, bekend als “de witte troon”. De kerk zal niet worden veroordeeld, maar zij zal meedoen aan het oordeel dat God heeft voorbereid.

Weet gij niet, dat de heiligen de wereld oordelen zullen? En indien door u de wereld geoordeeld wordt, zijt gij onwaardig de minste gerechtzaken? Weet gij niet, dat wij de engelen oordelen zullen? Hoeveel te meer de zaken, die dit leven aangaan?” (1 Korintiërs 6:2-3).

In den dag wanneer God de verborgene dingen der mensen zal oordelen door Jezus Christus, naar mijn Evangelie” (Romeinen 2:16).

Het leiderschap binnen het lichaam van Jezus

De bediening is een roeping door de Heilige Geest, waarmee de bedienaar door God is gemachtigd de gemeente te dienen. Hij is toegerust met diverse bekwaamheden en gaven die tot de opbouw van het lichaam van Christus dienen. “En Dezelfde heeft gegeven sommigen tot apostelen, en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten, en sommigen tot herders en leraars; Tot de volmaking der heiligen, tot het werk der bediening, tot opbouwing des lichaams van Christus;” (Efeze 4:11-12). Lees Romeinen 11:7-8, 1 Korintiërs 12:5-11.

Ondanks dat de roeping tot bediening van Goddelijke oorsprong is, bevat het Woord van God heel  veel onderwijs die gaan over de eisen waaraan een kandidaat voor de bediening moet voldoen. De ouderlingen van de gemeente moeten nauwkeurig de kandidaten beoordelen en bepalen of ze geschikt zijn om aangenomen te worden. Lees 1 Timotheüs 3:10, 4:14, 5:17.

 Huwelijk

Het huwelijk is een heilige staat die sinds het begin is door God is ingesteld en door ieder in ere moet gehouden worden.

(Genesis 2:21-24, Metheus 19:1-5, Hebreeën 13:4).

De huwelijken moeten conform de wetten van het land erkend en worden vastgelegd. Het burgerlijk huwelijk dient vooraf te gaan aan het kerkelijk huwelijk. De echtparen die nog niet getrouwd  zijn en zich willen laten dopen, moeten eerst aan de wettelijke eisen voldoen, dat wil zeggen voor de wet te trouwen.

Wij geloven dat het huwelijk is een verbond dat moet blijven zolang de twee echtgenoten leven.

(Romeinen 7:1-3, 1 Korintiers 7:39) “vrouw is door de wet verbonden, zo langen tijd haar man leeft; maar indien haar man ontslapen is, zo is zij vrij, om te trouwen, dien zij wil, alleenlijk in den Heere”.

Echtscheiding

Het is alleen toepasbaar wanneer die beschreven staan in het word van God. (Matheus 19:9), alleen de slachtoffer kan van dit recht gebruik maken.

De voorganger (pastor) zal geen lid van gemeente met een ongelovige trouwen.

(2 Korintiërs 6:14) “Trekt niet een ander juk aan met de ongelovigen; want wat mededeel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en wat gemeenschap heeft het licht met de duisternis?”.

Het Financiële plan van God

De tienden is het financiële plan van God om voor zijn werk te voorzien. Het bestaat sinds de dagen van Abraham. Het komt vort uit Abraham door geloof. De principe van de tienden is door de wet van Mozes bevolen en door het volk van Israel in de praktijk gebracht, toen ze conform Gods wil wandelden. Het is door Jezus goedgekeurd. (Matheus 23:23).

Laten wij niet stelen van God en Hem geven wat Hem toekomt: de tienden en offeranden.

(Hebreeën 7:2-10, Maleachi 3).

Staat  en kerk

Wij zijn het eens met de scheiding van de staat en de kerk. Beiden hoeven niet te bemoeien met de zaken / ideologieën van de ander. Hier wordt het Bijbelse concept

Toegepast: “Geeft dan den keizer, dat des keizers is, en Gode, dat Gods is’ (Marcus 12:17)

De christenen kunnen deel nemen aan de burgerlijke / gemeentelijke activiteiten conform zijn / haar eigen capaciteiten en politieke overtuigingen. Deze dienen te worden uitgevoerd vanuit de persoonlijke perspectieven en niet vanuit deze van de kerk (in de naam of vertegenwoordiger van de kerk).

Alle gelovigen dienen gehoorzaam te zijn aan alle burgerlijke autoriteiten en ook aan alle weten die door de overheid zijn ingesteld, mits deze niet tegenstrijdig zijn met de religieuze principes,  waarbij men verplicht zou worden dingen te doen tegen zijn/haar geweten. (Romeinen 13:1-7)

Geheime diensten

 Wij geloven dat het volk van God, volgens de bijbel, niet mag betrokken zijn bij  geheime diensten of geheime organisaties.

  • Welkom

    Klikt u rustig rond op onze website.